Onderzoek discriminatie in de ouderenzorg

Onderzoek discriminatie in de ouderenzorg

IDEM Rotterdam voert van mei tot en met december 2021 onderzoek uit naar discriminatie in de ouderenzorg. Op deze pagina lees je meer over de achtergrond en doelstelling van dit onderzoek.

Achtergrond

Eén op de vijf zorgverleners krijgt persoonlijk te maken met discriminatie, vooral binnen de ouderenzorg (CBS, 2019). Met name zorgverleners met een migratieachtergrond ervaren regelmatig racisme (RTL Nieuws, 2020; Nursing, 2020). Het komt bijvoorbeeld voor dat patiënten zorgverleners met een donkere huidskleur of een hoofddoek niet toelaten of hen racistisch uitschelden. IDEM Rotterdam tekende de ernstige ervaringen op van Yuna, die werkte in de Rotterdamse ouderenzorg (IDEM, 202). Opvallend is dat in het Rotterdamse beleid met betrekking tot (het tegengaan van) discriminatie, cultuursensitiviteit en zorg, er geen specifieke aandacht is voor de kant van zorgverleners (‘Rotterdam tegen Racisme’ 2020-2022). Terwijl juist in Rotterdam het personeel in de ouderenzorg zeer etnisch-divers is (UWV, 2020). IDEM onderzoekt de discriminatie-ervaringen van zorgverleners in de Rotterdamse ouderenzorg met als doel bij te dragen aan de aanpak van de problematiek.            

De ouderenzorg is en blijft een groot onderdeel van de zorgsector. Door de vergrijzing neemt het aandeel ouderen in de bevolking steeds verder toe en bereiken daarbij meer mensen een hogere leeftijd. Dit heeft er samen met het coronavirus voor gezorgd dat de druk op de ouderenzorg tot een absoluut hoogtepunt is gekomen (Janssen, 2020). Het is daarom van groot belang dat gekwalificeerd personeel wordt behouden. De bestaande discriminatie van professionals in de zorg vormt echter een extra aanleiding voor de uitval en uitstroom van werknemers (Tran, 2020). Zulke negatieve ervaringen hebben immers invloed op het werkplezier, de werkstress en het algemene welzijn van mensen.

Doelstelling

Het achterhalen en inzichtelijk maken van de aard van de discriminatie-ervaringen van professionals die werken in de ouderenzorg in Rotterdam, en in de coping strategieën die zij inzetten wanneer zij met discriminatie te maken krijgen. Ook wordt gefocust op het verkennen van de maatregelen die zorgorganisaties (kunnen) nemen om met deze problematiek om te gaan.

Opzet

Een online vragenlijst zal worden verspreid onder zorgverleners die werkzaam zijn in de ouderenzorg in Rotterdam. Daarnaast worden in totaal 15 tot 20 semigestructureerde interviews gehouden met deze doelgroep, en 4 tot 6 semigestructureerde interviews met leidinggevenden.

De resultaten worden verwerkt in een overzichtelijk rapport en in een infographic.

Looptijd

Dit project loopt van mei 2021 t/m december 2021.

Financiering

Dit onderzoek wordt gefinancierd door de gemeente Rotterdam.

Onderzoeksteam

Inte van der Tuin (projectleider), Bauke Fiere (onderzoeker) & Jana de Prieëlle (stagiaire)

Deelnemen of meer informatie?

Wil jij aan dit onderzoek bijdragen? Deelnemen kan als volgt:

  • Ben je als zorgverlener of als leidinggevende werkzaam in de ouderenzorg in Rotterdam en wil je jouw ervaringen delen in een interview van maximaal 1 uur? Neem contact op met projectleider Inte van der Tuin, via i.vandertuin@radar.nl of op 06 – 11 88 41 86. Alle gesprekken worden anoniem verwerkt. Voor deelname aan een interview ontvang je een cadeaubon van 25 euro.
  • Werk je als zorgverlener in de ouderenzorg en wil je jouw ervaringen delen, maar liever niet in een interview? Vul dan hier onze digitale vragenlijst in. Dit duurt ongeveer 5-7 minuten. Jouw antwoorden zijn volledig anoniem.

Of wil je meer informatie over dit onderzoek, mail of bel dan met projectleider Inte van der Tuin via i.vandertuin@radar.nl of 06-11884186. 

Openlijk Joods, maar niet altijd

Openlijk Joods, maar niet altijd

Een deel van de Joodse Rotterdammers gaat niet zichtbaar Joods over straat om antisemitische reacties te voorkomen. Wie toch een keppeltje of davidsster draagt, voelt een risico om uitgescholden of bespuugd te worden. Dat blijkt uit een kwalitatief onderzoek van IDEM Rotterdam naar de ervaringen en veiligheidsbeleving van Joodse Rotterdammers.

IDEM Rotterdam vroeg Joodse Rotterdammers naar hun ervaringen met antisemitisme en welke invloed dat heeft op hun veiligheidsbeleving. Tussen juli 2020 en mei 2021 interviewden IDEM-onderzoekers Nienke de Wit en Bauke Fiere dertien sleutelfiguren die een uitgebreid netwerk hebben onder Joodse Rotterdammers.

Antisemitisme

Uit het onderzoek blijkt dat alle respondenten ooit zijn lastiggevallen vanwege hun Joodse identiteit of anderen kennen die antisemitisme hebben ervaren als zij zichtbaar Joods over straat gingen. Het gaat hierbij meestal om ongepaste opmerkingen, maar ook verbaal geweld of bespugingen komen voor. Ook worden de spreekkoren bij voetbalwedstrijden als kwetsend en antisemitisch ervaren. Om mogelijke confrontaties te vermijden, gaat volgens de respondenten een deel van de Joodse Rotterdammers niet zichtbaar Joods over straat. Zij dragen bijvoorbeeld geen keppeltje, of dragen er een pet overheen.

Complotten

Een vorm van antisemitisme waar Joodse Rotterdammers zich grote zorgen over maken omdat het een nieuwe impuls kreeg door de coronacrisis, is de online verspreiding van complottheorieën waarbij Joodse mensen de schuld krijgen van bepaalde wereldproblemen. “Door het feit dat corona de kop heeft opgestoken, komen dat soort gedachtes nu nog meer in de schijnwerpers te staan en dat vind ik een hele enge ontwikkeling”, aldus een van de respondenten.

Meldingsbereidheid

Onder Joodse Rotterdammers is de bereidheid om discriminatie te melden laag. Een groot deel van hen heeft weinig vertrouwen in de opvolging en de aanpak vanuit de gemeente of politie. Een deel van de respondenten meent dat antisemitisme genormaliseerd is en vindt dat er meer aandacht voor het thema moet komen, bijvoorbeeld op scholen.

Ervaren discriminatie onder moslima’s op de Rotterdamse arbeidsmarkt

Ervaren discriminatie onder moslima’s op de Rotterdamse arbeidsmarkt

Moslima’s zijn steeds beter in staat discriminatie op de arbeidsmarkt te herkennen en durven het steeds beter te benoemen. Dat blijkt uit kwalitatief onderzoek van IDEM Rotterdam naar ervaren discriminatie onder twintig moslima’s op de Rotterdamse arbeidsmarkt. Het toegenomen besef komt vermoedelijk doordat er steeds meer over discriminatie en racisme gesproken wordt en doordat antiracismebewegingen steeds duidelijker zichtbaar zijn.

Kwalitatief onderzoek

Voor het kwalitatieve onderzoek zijn twintig islamitische vrouwen geïnterviewd die werkzaam zijn op de Rotterdamse arbeidsmarkt. Een deel van hen draagt een hoofddoek, een ander deel niet. De vrouwen hebben diverse afkomsten en werken in verschillende branches. De gesprekken zijn geanalyseerd op meerdere onderwerpen: werkomgeving, ervaringen op de werkvloer, discriminatie-ervaringen en copingstrategieën.

Divers team en dialoog

Het toegenomen bewustzijn over discriminatie, bijvoorbeeld micro-agressies op basis van stereotypen en vooroordelen, leidt vooral bij jongere vrouwen tot een verzettende copingstrategie. In plaats van de opmerkingen of andere micro-agressies te vermijden of negeren, gaan zij de dialoog aan.

Een divers team is een van de manieren om discriminatie op de werkvloer terug te dringen. De geïnterviewde moslima’s vertelden dat hoe diverser hun team, hoe meer gevoel van herkenning zij ervaren en hoe sterker zij het gevoel hebben zichzelf te kunnen zijn. Bondgenootschap van (witte) niet-islamitische collega’s is een andere manier om discriminatie tegen moslima’s op de werkvloer terug te dringen.

Verslag online Kennisatelier: Seksuele intimidatie, niks bijzonders?

Verslag online Kennisatelier: Seksuele intimidatie, niks bijzonders?

Wat is eigenlijk de impact van seksuele intimidatie op levens van mensen? Hoe herken je het als professional en hoe ga je er op een goede manier mee om? Daar gingen Rotterdamse professionals over in gesprek tijdens het online Kennisatelier ‘Seksuele intimidatie, niks bijzonders’ op donderdag 29 april. Het uiteindelijke kennisatelier verschilde iets van het aangekondigde programma, maar het onderwerp werd vanuit verschillende relevante perspectieven belicht. Er hadden zich maar liefst 59 mensen aangemeld voor het Kennisatelier.

Ambrien Moeniralam, die als eerste spreker was aangekondigd, kon niet aanwezig zijn. Ter vervanging gaf Nienke de Wit, onderzoekster bij IDEM, een presentatie over seksuele straatintimidatie. Middels foto’s en teksten heeft zij de aanwezigen laten kennismaken met wat je op straat allemaal te horen kan krijgen als vrouw. Een deel van de foto’s kwam van het Instagram-account @Catcallsofrot, waar foto’s op geplaatst worden van op straat gekrijte teksten: uitspraken waar vrouwen dag in dag uit op straat mee te maken krijgen in Rotterdam.

De Catcalls-teksten die op straat worden gekrijt vormen inmiddels een deel van een internationale beweging tegen straatintimidatie. Victim blaming en slutshaming zijn aspecten van seksuele intimidatie die aan de kaak gesteld worden. Het zijn maar enkele van de vele negatieve aspecten van straatintimidatie die tijdens het Kennisatelier kort zijn toegelicht.

Veiligheid

Ervaringsdeskundige en studente aan de Hogeschool Rotterdam Sarah Dijkstra, vertelde haar persoonlijke verhaal als queer vrouw. Ze gaf de deelnemers van het Kennisatelier een inkijkje in haar dagelijkse realiteit. Vooral het gevoel van veiligheid verdwijnt door seksuele intimidatie in de openbare ruimte als sneeuw voor de zon.

De derde spreker was Gert-Jan Verboom, die is verbonden aan Dona Daria. Hij vertelde over drie projecten in de Rotterdamse wijken Delfshaven, Rozenburg en Feyenoord, waarbij wordt geprobeerd om met de jongeren zelf een oplossing voor straatintimidatie te vinden. Vervolgens gingen alle deelnemers tijdens verschillende break-outrooms met elkaar in gesprek. Na een korte pauze kreeg Lisanne Oldekamp, beleidsadviseur en projectleider ‘aanpak seksuele straatintimidatie’ bij gemeente Rotterdam, het woord. Zij presenteerde het nieuwste onderzoek van de Erasmus Universiteit Rotterdam naar seksuele straatintimidatie. De treurige uitkomst was dat er geen verandering is opgetreden ten aanzien van de ervaren straatintimidatie ten opzichte van het eerste onderzoek hierover uit 2016. Nog steeds krijgt 84% vrouwen tussen de 18 en 45 in Rotterdam krijgt te maken met seksueel getint gedrag en 47% met seksuele straatintimidatie (Fischer & Vanderveen, 2021). De gemeente voert verschillende campagnes om het probleem aan te pakken. De hoop is dat daders binnenkort beboet kunnen worden. In dit artikel beantwoordt zij vijf prangende vragen over seksuele straatintimidatie.

Exposen

Krista Schram was de laatste spreker van het Kennisatelier. De lector Publiek Vertrouwen in Veiligheid, van hogeschool Inholland, heeft onderzoek gedaan naar online exposen: jongens plaatsen naaktbeelden van meisjes en jonge vrouwen op sociale media, met als doel hen te ‘ontmaskeren’ en aan de schandpaal te nagelen. Haar onderzoeksvraag luidde: ‘Wat is de impact van exposen voor vrouwelijke studenten van Hindoestaanse, Marokkaanse en Turkse afkomst in het hbo en in hoeverre vinden zij interventies wenselijk om deze te voorkomen of te beperken?’

Exposen is voor haar een nieuwe vorm van een high impact crime. Haar conclusie is dat er weinig kennis is over sexting, seksueel getinte berichtjes versturen, bijvoorbeeld een naaktfoto naar een geliefde. Er zou dan ook meer voorlichting moeten komen voor ouders en professionals op basisscholen en in het middelbaar onderwijs. In de laatste twee break-outrooms werden er veel vragen gesteld over dit onderwerp. Het was duidelijk dat er nog veel te leren valt.

Michel van Erp, van vakbond Nu’91, moest zich helaas afmelden voor het Kennisatelier vanwege ziekte. Wij wensen hem heel veel beterschap.

Op de hoogte blijven?   

Lijkt zo’n Kennisatelier jou ook interessant en nuttig? Wil je daarom op de hoogte blijven van alle events en bijeenkomsten van IDEM Rotterdam? Meld je aan bij ons netwerk en schrijf je in voor de nieuwsbrief!     

RADAR Inc. stelt begroting 2021 vast

RADAR Inc. stelt begroting 2021 vast

Het bestuur van RADAR Inc. heeft de begroting voor 2021 formeel vastgesteld. De organisatie staat voor een forse uitdaging, maar gaat het nieuwe jaar met vertrouwen tegemoet.

Eind november gaf de raad van bestuur nog aan geen sluitende begroting te kunnen presenteren, omdat het geraamde tekort hoger uitpakte dan de reserves. Een extern bureau werd ingeschakeld om versneld onderzoek te doen naar de financiën, overige bedrijfsvoering en governance van Radar Inc. De bevindingen, die recent zijn opgeleverd, bevestigen de ernst van de financiële situatie maar geven ook zicht op (toekomst)perspectief voor de organisatie.

Bij de begroting voor 2021 formuleert de raad van bestuur een extra acquisitieopdracht en neemt maatregelen om de bedrijfsvoering te optimaliseren. Ook reserveert de raad van bestuur financiële middelen om te investeren in de toekomstbestendigheid van de organisatie en de kwaliteit van de dienstverlening. Het geraamde tekort over 2021 kan op verantwoorde wijze ten laste worden gebracht van de reserves. Aan het eind van het eerste kwartaal van 2021 beoordeelt de raad van bestuur of de ingezette koers voldoende effect sorteert of dat aanvullende maatregelen nodig zijn.

De tevredenheid over de dienstverlening door overheden, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en – niet in de laatste plaats – mensen die discriminatie ervaren, heeft geleid tot een sterke groei van RADAR Inc. De raad van bestuur is ervan overtuigd dat in het huidige maatschappelijke klimaat grote behoefte bestaat aan de dienstverlening en ervaring van de organisatie. “We hebben er alle vertrouwen in dat we samen met de medewerkers de doelstellingen zullen halen. Ook in 2021 zetten we ons in voor een inclusieve samenleving.”